Er bestaan zoveel verschillende soorten vampiers als er manieren zijn om vampier te worden, misschien zelfs meer.
-de Bulgaarse vampier had maar één neusgat
-de Russische vampier zoog het bloed direct uit het hart i.p.v. uit de hals
-De Griekse vampier[de vrykolakas het betekend zowel vampier als weerwolf] was boosaardig maar at ook weleens "gewoon" eten
-in Indië, Arabië, Afrika en het Midden-Oosten kwamen vooral de lijkenetende vampiers voor
Niet alle vampiers waren gevaarlijk, hoewel de meeste dat wel waren. Op het Griekse vampiereiland Santorini woonde weleens een goede vampier, een schepsel dat gedoemd was tot vampirisme ofschoon het niets dan vriendelijke daden deed in zijn ondode toestand. Eén van deze "goede" vampiers paste lange tijd op zijn vrouw en kinderen, hakte zelfs hout voor hen en putte water uit de dorpsbron. Uiteindelijk moest hij ermee ophouden, omdat de buren zenuwachtig werden. Soms hadden vampiers kenmerken met spoken in plaats van met lijkeneters. In de volksverhalen noemen de vertellers de schepsels die hen achternazaten liever vampiers dan spoken. Een mogelijke oorzaak zou het woordgebruik kunnen zijn.
Spoken en andere geesten zijn dood vampiers zijn levend noch dood, ze zijn iets halverwege deze twee uitersten. Ze zijn schijnbaar op de gewone menselijke wijze overleden, maar hun lichaam blijft intact en blijft naar voedsel hunkeren.
Overdag ligt de vampier bewegingsloos in zijn doodskist, die in zijn geboorteland begraven moet zijn of aarde moet bevatten uit dat geboorteland. Bij nader onderzoek valt er soms een lichte ademhaling te bespeuren; sommige vampiers tonen geen enkel teken van leven. En na zonsondergang komt hij " tot leven". De vampier heeft helderrode lippen een bleek gezicht en wrede puntige hoektanden. Zijn "ondode" adem stinkt en in zijn ogen brandt een duivels vuur.
In veel christelijke landen werd rood haar beschouwd als een teken van vampirisme, waarschijnlijk omdat Judas de verrader ook rood haar had. In Griekenland waren de vampiers blauwogig, want iedereen had daar bruine ogen. Roemeense hadden grijze ogen en Ierse zwarte. Bijna alle vampiers konden andere gedaantes aannemen voornamelijk die van een vleermuis of een wolf. Sommigen geloofden dat een spiegel de ziel kon openbaren. Een zielloos wezen kon men daarom herkennen aan het feit dat het geen spiegelbeeld had.